Ruwe gegevens die zijn samengesteld uit de schaduw van een zwart gat zijn de digitale echo van licht dat miljarden jaren door de diepten van het heelal heeft gereisd. De ruwe data van de afbeelding van een zwart gat, gepubliceerd in 2019, omvatte tijdreeksen, spectrale registraties en synchronisatie-informatie die oplopen tot petabytes verzameld door radiotelescopen. Het fysieke gewicht van die data is vrijwel nul; toch draagt de informatie erin kennis over tijd, fase en locatie van kosmische gebeurtenissen. Data draagt een abstract gewicht: de contextuele capaciteit die nodig is om astronomische ontdekkingen te verifiëren, modellen te toetsen en het menselijk begrip van het universum te vergroten.
Ter vergelijking bestaat een typische draagbare harde schijf uit enkele honderden grammen metaal, plastic en magnetische platen. Een 1–2 terabyte schijf stelt je in staat dezelfde hoeveelheid ruwe informatie fysiek in je handen te dragen; niet in datacenters, maar in je tas. Hij heeft mechanische onderdelen, energiebehoefte en fysieke beperkingen; temperatuur, schokken en magnetische velden vormen een bedreiging. Toch zijn draagbare schijven qua capaciteit in een paar jaar van gigabytes naar terabytes gesprongen — een soort magie die dezelfde ruwe datasets als kleine stapels in een doos laat passen.
De echte botsing tussen deze twee objecten is die tussen concreetheid en abstractie. Het zwarte-gat-data vertelt een universeel verhaal dat verder reikt dan je microfoon; de draagbare schijf maakt dat verhaal concreet en draagbaar, zodat je het in je zak kunt meenemen. De een is kennis van tijd en schaal, de ander de triomf van bruikbaarheid en draagbaarheid. Het wonder van het moderne geheugen is dat we de verste fluisteringen van het universum kunnen bewaren op magnetische platen van slechts enkele centimeters.